Een recent Duits artikel op faz.net werpt licht op een intrigerend fenomeen rond kunstmatige intelligentie (AI) en de arbeidsmarkt. Mensen met beperkte kennis van AI maken zich minder zorgen over de impact ervan op hun banen. Dit perspectief is met name in Duitsland sterk aanwezig.

De illusie van onkwetsbaarheid

Volgens een onderzoek van de TU Darmstadt zijn werknemers in Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten met weinig KI-kennis minder bezorgd over hun baan dan degenen met uitgebreide KI-kennis. Deze discrepantie kan worden toegeschreven aan de zogenaamde Dunning-Kruger-effect: mensen met beperkte competentie overschatten hun eigen vaardigheden en zien weinig gevaar in vervanging door technologie.

Cijfers en realiteit

In Duitsland is slechts 22% van de respondenten bezorgd over hun baan, tegenover 65% die geen gevaar ziet. Deze zelfverzekerdheid contrasteert met de houding in de VS en het VK, waar ongeveer een derde van de respondenten zich zorgen maakt. De D21-Digital-Index bevestigt deze bevindingen: 76% van de werkenden verwacht dat digitalisering tegen 2035 zal leiden tot het verlies van banen, maar slechts 23% denkt dat dit hun eigen baan zal beïnvloeden.

De werkelijke risico’s

Het is belangrijk op te merken dat de meningen van mensen met weinig tot geen AI-kennis weinig zeggen over de werkelijke impact van AI op de arbeidsmarkt. De algemene consensus is dat mensen de banen van anderen als kwetsbaarder zien dan hun eigen baan. Dit fenomeen, bekend als ‘unrealistisch optimisme’, wordt ook waargenomen in de gezondheidszorg: mensen zijn zich bewust van de risico’s, maar geloven dat ze zelf minder kans hebben om getroffen te worden.

Conclusie

Deze bevindingen benadrukken een cruciale kwestie: terwijl de digitale revolutie doorgaat, blijft het bewustzijn en de kennis over de impact ervan op de arbeidsmarkt achter. Dit roept vragen op over hoe voorbereid we werkelijk zijn op de toekomstige veranderingen en uitdagingen die KI met zich meebrengt.

Leave A Comment